Málaga was lang vooral de stad waar je landde op weg naar het strand. Dat is grondig veranderd. De afgelopen twee decennia heeft de stad zich omgevormd tot een van de leukste stadsbestemmingen van Spanje, met een historisch centrum dat grotendeels autovrij is, een indrukwekkende reeks musea en een uitgaans- en eetcultuur die je zelden in een stad van deze omvang vindt. En dan ligt er ook nog een strand op tien minuten lopen van de kathedraal.
Stad met geschiedenis
Boven het centrum torent de Alcazaba, een uitzonderlijk goed bewaarde Moorse vesting met tuinen, waterlopen en doorkijkjes over de haven. Daarachter ligt het kasteel van Gibralfaro, bereikbaar via een steil pad dat je met een fles water moet aanvatten en dat je beloont met het beste uitzicht van de stad. Aan de voet ervan liggen de resten van een Romeins theater, letterlijk tegen de Moorse muren aan: twee lagen geschiedenis in één blik.
In het centrum wandel je van de kathedraal, door de Malagueños liefkozend La Manquita genoemd omdat de tweede toren nooit is afgemaakt, naar het Picassomuseum en het geboortehuis van de schilder. De stad zit vol musea: het Centre Pompidou aan de haven, het Carmen Thyssen, het automuseum, en kleinere galeries in de wijk Soho.

Haven, strand en tafel
De vernieuwde haven met Muelle Uno is een prettige plek om te flaneren, met winkels, restaurants en uitzicht op de boten. Het stadsstrand La Malagueta ligt daarnaast, zodat je een ochtend museum zo combineert met een middag zon. Verder oostwaarts liggen de strandwijken Pedregalejo en El Palo, oude vissersbuurten waar de beste espeto's van de stad worden geroosterd.
En dan het eten. Málaga is een uitstekende tapasstad, met een sterke traditie van gefrituurde vis, en met bodega's waar de zoete moscatelwijn uit vaten wordt getapt. Het is bijna verplicht om één avond gewoon van bar naar bar te lopen zonder plan.
Praktisch
De stad is compact en het historische centrum loop je in zijn geheel. Er is een metro, een dicht busnet en er zijn goede treinverbindingen langs de kust en naar Madrid en Sevilla. De luchthaven ligt op een kwartier en is met de voorstadstrein direct te bereiken.
Wie in Málaga verblijft, heeft daarnaast de hele provincie binnen bereik. De Axarquía met zijn witte dorpen begint direct ten oosten van de stad, Ronda ligt op ongeveer anderhalf uur, en de badplaatsen van de westkust bereik je in een half uur. Voor een vakantie waarin je stad, kust en binnenland wilt combineren, is dit dus een logisch startpunt, ook als je maar een deel van de tijd in de stad zelf doorbrengt.

Bezienswaardigheden en tips
Zet de Alcazaba, het kasteel van Gibralfaro, het Romeinse theater en het Picassomuseum op je lijst, en houd daarnaast tijd vrij om zonder doel door het oude centrum te lopen. Ga in de late namiddag naar Gibralfaro voor het licht over de baai. Eet een keer in Pedregalejo of El Palo in plaats van in het centrum. En als je in augustus komt, houd dan rekening met de Feria de Málaga, een week waarin de hele stad op straat staat: geweldig als je ervoor komt, druk als je het niet wist.
Málaga is het hele jaar door aangenaam, met milde winters waarin de terrassen gewoon vol zitten. Voor een stedentrip zijn het voor- en najaar het prettigst.
In de stad zelf heb je geen auto nodig en is parkeren zelfs eerder lastig dan handig. Wil je de kust of het achterland verkennen, dan is een huurauto wel de snelste manier. Wij regelen dat op de dagen dat je hem echt nodig hebt. Kijk op onze pagina over autoverhuur.
Jouw vakantiehuis in Málaga
Cultuur, stad en strand in één bestemming, en een luchthaven om de hoek. Wil je een vakantiehuis of appartement huren in Málaga of net erbuiten, dan vind je hieronder ons aanbod.


